Naar de inhoud

zelfscholing

zichzelf iets aanleren; zichzelf opleiden in een bepaald gebied, vak of beroep

zelfscholing

zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. zichzelf iets aanleren; zichzelf opleiden in een bepaald gebied, vak of beroep

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
zelfscholingen meervoud

Herkomst

samenstelling van zelf zn en scholing zn

Woordfamilie van zelfscholing

Woordvorm Relatie Afgeleid van
zelfscholingen meervoud zelfscholing

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zelfscholing zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over zelfscholing

Wat is de betekenis van zelfscholing?
Zelfscholing is een zelfstandig naamwoord. De betekenis is: zichzelf iets aanleren; zichzelf opleiden in een bepaald gebied, vak of beroep.
Wat is het meervoud van zelfscholing?
Van zelfscholing geldt: het meervoud is zelfscholingen. De volledige verbuiging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zelfscholing is 32 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. E 1
  3. L 3
  4. F 4
  5. S 2
  6. C 5
  7. H 4
  8. O 1
  9. L 3
  10. I 1
  11. N 1
  12. G 3
  13. 32 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zelfscholing levert met Wordfeud minimaal 34 en maximaal 132 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. E 1
  3. L 3
  4. F 4
  5. S 2
  6. C 5
  7. H 4
  8. O 1
  9. L 3
  10. I 2
  11. N 1
  12. G 3
  13. 34 zonder bonus
  14. 132 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

zelfscholing: zichzelf iets aanleren; zichzelf opleiden in een bepaald gebied, vak of beroep
Deel zelfscholing — standaardnederlands.nl