zelfbedieningsprincipe
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een principe volgens hetwelk de klant zichzelf kan bedienen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zelfbedieningsprincipes | meervoud |
| zelfbedieningsprincipetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zelfbedieningsprincipetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zelfbediening en principe met het invoegsel -s-
Woordfamilie van zelfbedieningsprincipe
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zelfbedieningsprincipes | meervoud | zelfbedieningsprincipe |
| zelfbedieningsprincipetje | verkleinwoord | zelfbedieningsprincipe |
| zelfbedieningsprincipetjes | verkleinwoord meervoud | zelfbedieningsprincipe |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zelfbedieningsprincipe zijn vastgelegd.