Naar de inhoud

zeispreuk

een apologisch gezegde met zelfspot, vaak in de vorm van een bekend gezegde met een ironische toevoeging waarin het woord zei voorkomt

zeispreuk

zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. een apologisch gezegde met zelfspot, vaak in de vorm van een bekend gezegde met een ironische toevoeging waarin het woord zei voorkomt

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
zeispreuken meervoud
zeispreukje verkleinwoord, enkelvoud
zeispreukjes verkleinwoord, meervoud

Herkomst

samenstelling van zei ww en spreuk

Woordfamilie van zeispreuk

Woordvorm Relatie Afgeleid van
zeispreuken meervoud zeispreuk
zeispreukje verkleinwoord zeispreuk
zeispreukjes verkleinwoord meervoud zeispreuk

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zeispreuk zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over zeispreuk

Wat is de betekenis van zeispreuk?
Zeispreuk is een zelfstandig naamwoord. De betekenis is: een apologisch gezegde met zelfspot, vaak in de vorm van een bekend gezegde met een ironische toevoeging waarin het woord zei voorkomt.
Wat is het meervoud van zeispreuk?
Van zeispreuk geldt: het meervoud is zeispreuken. De volledige verbuiging staat in de tabel op deze pagina.
Wat is het verkleinwoord van zeispreuk?
De verkleinvorm van zeispreuk is zeispreukje, altijd met het lidwoord het. Het meervoud daarvan is zeispreukjes.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zeispreuk is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. E 1
  3. I 1
  4. S 2
  5. P 3
  6. R 2
  7. E 1
  8. U 4
  9. K 3
  10. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zeispreuk levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. E 1
  3. I 2
  4. S 2
  5. P 4
  6. R 2
  7. E 1
  8. U 2
  9. K 3
  10. 22 zonder bonus
  11. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

zeispreuk in het kort

zeispreuk staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Van zeispreuk staan er 3 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort zeispreuk bij een woordfamilie van 3 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

zeispreuk: een apologisch gezegde met zelfspot, vaak in de vorm van een bekend gezegde met een ironische toevoeging waarin het woord zei voorkomt
Deel zeispreuk — standaardnederlands.nl