zeeschip
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een zeewaardig schip gebouwd om de zee te kunnen trotseren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zeescheepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zeescheepjes | verkleinwoord, meervoud |
| zeeschepen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zee en schip
Woordfamilie van zeeschip
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zeescheepje | verkleinwoord | zeeschip |
| zeescheepjes | verkleinwoord meervoud | zeeschip |
| zeeschepen | meervoud | zeeschip |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zeeschip zijn vastgelegd.