zeekoe
zelfstandig naamwoordBetekenis
- plantenetend zoogdier dat zowel in zoet- als zoutwater leeft
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- plantenetend zoogdier uit de orde Sirenia dat zowel in zoet- als zoutwater leeft
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zeekoeien | meervoud |
| zeekoetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zeekoetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘zeezoogdier’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1287