zandwesp
zelfstandig naamwoordBetekenis
- uit de familie graafwespen
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een wesp behorende tot de tribus Bembicini uit de familie graafwespen. Zandwespen zijn predatoren van een gevarieerde groep insecten. Hun nesten bestaan uit korte holen met een enkele kamer. Op de bodem leggen ze hun prooien die als voedsel dienen voor hun larven. De eitjes worden soms al afgezet voor de kamer van genoeg prooien is voorzien. Sommige vrouwelijke wespen bouwen hun nesten dicht bij elkaar wat parasiterende vliegen en wespen aantrekt, sommige daarvan zijn kleptoparasieten. Zandwespen jagen ook op hun eigen parasieten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zandwespen | meervoud |
| zandwespje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zandwespjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zand zn en wesp zn
Woordfamilie van zandwesp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zandwespje | verkleinwoord | zandwesp |
| zandwespjes | verkleinwoord meervoud | zandwesp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zandwesp zijn vastgelegd.