zaagblad
zelfstandig naamwoord ˈzaɣblɑtBetekenis
- het platte stuk metaal aan de rand waarvan de tanden van een zaag zijn aangebracht
- een vaste plant, die behoort tot de composietenfamilie (Asteraceae)
Hoe spreek je zaagblad uit?
/ˈzaxblɑt/
Zaagblad bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| a | maan |
| x | acht |
| b | bak |
| l | land |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- plat stuk metaal met een lange kartelrand om hard materiaal door te snijden, het onderdeel van een zaag waarop de tanden zijn aangebracht
- bepaald soort vaste plant, Serratula tinctoria uit de composietenfamilie (Asteraceae)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaagblaadje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zaagblaadjes | verkleinwoord, meervoud |
| zaagbladen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zaag zn en blad zn
Woordfamilie van zaagblad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaagblaadje | verkleinwoord | zaagblad |
| zaagblaadjes | verkleinwoord meervoud | zaagblad |
| zaagbladen | meervoud | zaagblad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaagblad zijn vastgelegd.