X-chromosoom
zelfstandig naamwoordBetekenis
- één van de beide geslachtschromosomen die in de helft van de zaadcellen voorkomt
zelfstandig naamwoord — neuter
- een van de beide geslachtschromosomen die in de helft van de zaadcellen voorkomt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| X-chromosomen | meervoud |
| X-chromosoompje | verkleinwoord, enkelvoud |
| X-chromosoompjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van X en chromosoom
Woordfamilie van X-chromosoom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| X-chromosomen | meervoud | X-chromosoom |
| X-chromosoompje | verkleinwoord | X-chromosoom |
| X-chromosoompjes | verkleinwoord meervoud | X-chromosoom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van X-chromosoom zijn vastgelegd.