woonstad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de stad waarin men woont
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| woonstadje | verkleinwoord, enkelvoud |
| woonstadjes | verkleinwoord, meervoud |
| woonsteden | meervoud |
Herkomst
Samenstelling van de werkwoordstam van wonen en stad
Woordfamilie van woonstad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| woonstadje | verkleinwoord | woonstad |
| woonstadjes | verkleinwoord meervoud | woonstad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van woonstad zijn vastgelegd.