witkar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- één auto die verschillende mensen uit verschillende huishoudens met elkaar delen
- tweepersoons driewielig elektrisch voertuig, ontworpen door de Amsterdamse provo Luud Schimmelpennink, en bedoeld als collectief vervoermiddel in de Amsterdamse binnenstad
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| witkarren | meervoud |
| witkarretje | verkleinwoord, enkelvoud |
| witkarretjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van wit zn en kar zn
Woordfamilie van witkar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| witkarren | meervoud | witkar |
| witkarretje | verkleinwoord | witkar |
| witkarretjes | verkleinwoord meervoud | witkar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van witkar zijn vastgelegd.