winkeldag
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een dag dat de winkels open zijn; een dag dat men kan winkelen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| winkeldagen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van winkel zn en dag zn
Woordfamilie van winkeldag
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| winkeldagen | meervoud | winkeldag |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van winkeldag zijn vastgelegd.