wijzerplaat
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de plaat van een klok waarop de wijzers de tijd aangeven
- een plaat met een schaalverdeling waarop een wijzer een waarde kan aanwijzen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| wijzerplaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| wijzerplaatjes | verkleinwoord, meervoud |
| wijzerplaten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van wijzer zn en plaat zn
Woordfamilie van wijzerplaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| wijzerplaatje | verkleinwoord | wijzerplaat |
| wijzerplaatjes | verkleinwoord meervoud | wijzerplaat |
| wijzerplaten | meervoud | wijzerplaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wijzerplaat zijn vastgelegd.