weekoverzicht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een samenvattend overzicht van wat er is gebeurd in een week (, bijv. gegeven in de media zoals televisieprogramma's)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| weekoverzichten | meervoud |
| weekoverzichtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| weekoverzichtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van week en overzicht
Woordfamilie van weekoverzicht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| weekoverzichten | meervoud | weekoverzicht |
| weekoverzichtje | verkleinwoord | weekoverzicht |
| weekoverzichtjes | verkleinwoord meervoud | weekoverzicht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van weekoverzicht zijn vastgelegd.