wedloop
zelfstandig naamwoord ˈwɛtlopBetekenis
- een race, wedstrijd, waarbij men zich onderling aan elkaar meet
Hoe spreek je wedloop uit?
/ˈwɛtlop/
Wedloop bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| l | land |
| o | boot |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- wedstrijd waarbij het erom gaat een bepaald traject of parcours zo snel mogelijk af te leggen
- situatie waarin partijen blijven proberen elkaar te overtreffen figuratively
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| wedloopje | verkleinwoord, enkelvoud |
| wedloopjes | verkleinwoord, meervoud |
| wedlopen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van wedde zn en loop zn of samenstelling van wed ww en loop zn
Woordfamilie van wedloop
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| wedloopje | verkleinwoord | wedloop |
| wedloopjes | verkleinwoord meervoud | wedloop |
| wedlopen | meervoud | wedloop |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wedloop zijn vastgelegd.