warmtepomp
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een verwarmingsinstallatie die via mechanische arbeid warmte onttrekt aan een koude omgeving en deze toevoert aan een warmere omgeving
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| warmtepompen | meervoud |
| warmtepompje | verkleinwoord, enkelvoud |
| warmtepompjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van warmte en pomp
Woordfamilie van warmtepomp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| warmtepompen | meervoud | warmtepomp |
| warmtepompje | verkleinwoord | warmtepomp |
| warmtepompjes | verkleinwoord meervoud | warmtepomp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van warmtepomp zijn vastgelegd.