walschot
zelfstandig naamwoord /'ʋɑlsxɔt/Betekenis
- het zaad van een walvis
- de wasachtige substantie eertijds gewonnen uit de kop van de potvis
Hoe spreek je walschot uit?
/ˈwɑlsxɔt/
Walschot bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| l | land |
| s | sok |
| x | acht |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| walschotten | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘spermaceti, witte amber’ voor het eerst aangetroffen in 1470
Woordfamilie van walschot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| walschotten | meervoud | walschot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van walschot zijn vastgelegd.