vuurtorenwachter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die een vuurtoren bewoont en bedient
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vuurtorenwachters | meervoud |
| vuurtorenwachtertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vuurtorenwachtertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vuurtoren en wachter
Woordfamilie van vuurtorenwachter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vuurtorenwachters | meervoud | vuurtorenwachter |
| vuurtorenwachtertje | verkleinwoord | vuurtorenwachter |
| vuurtorenwachtertjes | verkleinwoord meervoud | vuurtorenwachter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vuurtorenwachter zijn vastgelegd.