vruchtenmoes
zelfstandig naamwoordBetekenis
- brij van fijngemaakte (gekookte) vruchten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vruchtenmoesje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vruchtenmoesjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vrucht en moes met het invoegsel -en-
Woordfamilie van vruchtenmoes
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vruchtenmoesje | verkleinwoord | vruchtenmoes |
| vruchtenmoesjes | verkleinwoord meervoud | vruchtenmoes |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vruchtenmoes zijn vastgelegd.