vrijwilliger
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- iemand die op vrijwillige basis aan iets meewerkt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vrijwilligers | meervoud |
| vrijwilligertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vrijwilligertjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van vrijwillig
Herkomst
afgeleid van vrijwillig met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van vrijwilliger
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vrijwilligertje | verkleinwoord | vrijwilliger |
| vrijwilligertjes | verkleinwoord meervoud | vrijwilliger |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vrijwilliger zijn vastgelegd.