voorstoel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de stoel vooraan van iets (meestal in een auto of op een fiets)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voorstoelen | meervoud |
| voorstoeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| voorstoeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van voor en stoel
Woordfamilie van voorstoel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voorstoelen | meervoud | voorstoel |
| voorstoeltje | verkleinwoord | voorstoel |
| voorstoeltjes | verkleinwoord meervoud | voorstoel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorstoel zijn vastgelegd.