voorrekenen
werkwoordBetekenis
- iemand niet alleen maar de uitkomst van een rekensom laten zien, maar ook laten zien hoe je tot die uitkomst komt
Vervoeging van voorrekenen
voorrekenenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van voor bw en rekenen ww
Woordfamilie van voorrekenen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| reken voor | woordvorm | voorrekenen |
| rekende voor | woordvorm | voorrekenen |
| rekenden voor | woordvorm | voorrekenen |
| rekene voor | woordvorm | voorrekenen |
| rekenen voor | woordvorm | voorrekenen |
| rekent voor | woordvorm | voorrekenen |
| voorgerekend | woordvorm | voorrekenen |
| voorgerekende | woordvorm | voorrekenen |
| voorreken | with-subordinate-clause | voorrekenen |
| voorrekende | with-subordinate-clause | voorrekenen |
| voorrekenden | with-subordinate-clause | voorrekenen |
| voorrekene | with-subordinate-clause | voorrekenen |
| voorrekenend | woordvorm | voorrekenen |
| voorrekenende | woordvorm | voorrekenen |
| voorrekent | with-subordinate-clause | voorrekenen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorrekenen zijn vastgelegd.