voorpoot
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een van de twee voorste ledematen van een dier
- een van de twee voorste poten van een stoel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voorpootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| voorpootjes | verkleinwoord, meervoud |
| voorpoten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van voor en poot zn
Woordfamilie van voorpoot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voorpootje | verkleinwoord | voorpoot |
| voorpootjes | verkleinwoord meervoud | voorpoot |
| voorpoten | meervoud | voorpoot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorpoot zijn vastgelegd.