voorband
zelfstandig naamwoordBetekenis
- band aan het voorwiel van een voorwiel van een voertuig
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voorbanden | meervoud |
| voorbandje | verkleinwoord, enkelvoud |
| voorbandjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van voor en band zn
Woordfamilie van voorband
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voorbanden | meervoud | voorband |
| voorbandje | verkleinwoord | voorband |
| voorbandjes | verkleinwoord meervoud | voorband |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorband zijn vastgelegd.