voegwerk
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het totale aantal voegen in het metselwerk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| voegwerken | meervoud |
| voegwerkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| voegwerkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van voeg en werk zn
Woordfamilie van voegwerk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| voegwerken | meervoud | voegwerk |
| voegwerkje | verkleinwoord | voegwerk |
| voegwerkjes | verkleinwoord meervoud | voegwerk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voegwerk zijn vastgelegd.