vleeshal
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een plaats waar vroeger vlees verkocht werd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vleeshallen | meervoud |
| vleeshalletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vleeshalletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vlees en hal
Woordfamilie van vleeshal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vleeshallen | meervoud | vleeshal |
| vleeshalletje | verkleinwoord | vleeshal |
| vleeshalletjes | verkleinwoord meervoud | vleeshal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vleeshal zijn vastgelegd.