vismarkt
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een plaats waar men vis verkoopt
- een plein in een stad waar men (vroeger) vis verkoopt of verkocht.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vismarkten | meervoud |
| vismarktje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vismarktjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vis en markt
Woordfamilie van vismarkt
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vismarkten | meervoud | vismarkt |
| vismarktje | verkleinwoord | vismarkt |
| vismarktjes | verkleinwoord meervoud | vismarkt |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vismarkt zijn vastgelegd.