vinkenslag
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het slaan, de zang van een vink
- net om vinken te vangen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vinkenslagen | meervoud |
| vinkenslagje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vinkenslagjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vink en slag met het invoegsel -en-
Woordfamilie van vinkenslag
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vinkenslagen | meervoud | vinkenslag |
| vinkenslagje | verkleinwoord | vinkenslag |
| vinkenslagjes | verkleinwoord meervoud | vinkenslag |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vinkenslag zijn vastgelegd.