viefheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het nog jeugdig en levendig zijn van een ouder persoon
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| viefheden | meervoud |
Herkomst
afleiding van vief met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van viefheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| viefheden | meervoud | viefheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van viefheid zijn vastgelegd.