vertrouwde
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- persoon die men vertrouwt
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van vertrouwd
Woordvorm
- enkelvoud verleden tijd van vertrouwen
- verbogen vorm van vertrouwd, voltooid deelwoord van vertrouwen
Vervoeging van vertrouwde
vertrouwdehele werkwoord
Herkomst
afgeleid van vertrouwd met het achtervoegsel -e