verfspuit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een werktuig voor het aanbrengen van een verflaag
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verfspuiten | meervoud |
| verfspuitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| verfspuitjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van verf en spuit
Woordfamilie van verfspuit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verfspuiten | meervoud | verfspuit |
| verfspuitje | verkleinwoord | verfspuit |
| verfspuitjes | verkleinwoord meervoud | verfspuit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verfspuit zijn vastgelegd.