vastgoedmanager
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een manager in vastgoed (huizen, kantoren etc.)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vastgoedmanagers | meervoud |
| vastgoedmanagertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vastgoedmanagertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van vastgoed en manager
Woordfamilie van vastgoedmanager
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vastgoedmanagers | meervoud | vastgoedmanager |
| vastgoedmanagertje | verkleinwoord | vastgoedmanager |
| vastgoedmanagertjes | verkleinwoord meervoud | vastgoedmanager |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vastgoedmanager zijn vastgelegd.