uurdocent
zelfstandig naamwoordBetekenis
- docent die maar enkele uren per week lesgeeft
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uurdocenten | meervoud |
| uurdocentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uurdocentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van uur en docent
Woordfamilie van uurdocent
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uurdocenten | meervoud | uurdocent |
| uurdocentje | verkleinwoord | uurdocent |
| uurdocentjes | verkleinwoord meervoud | uurdocent |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uurdocent zijn vastgelegd.