uitvinding
zelfstandig naamwoord ˈœytfɪndɪŋBetekenis
- de daad van het uitvinden, het ontdekken van een nieuwe methode of een nieuw toestel
- een nieuw gevonden methode of toestel
Hoe spreek je uitvinding uit?
/ˈœytfɪndɪŋ/
Uitvinding bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| œy | huis |
| t | tak |
| f | fiets |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| d | dak |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitvindingen | meervoud |
| uitvindinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uitvindinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van uitvinden met het achtervoegsel -ing.
Woordfamilie van uitvinding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitvindingen | meervoud | uitvinding |
| uitvindinkje | verkleinwoord | uitvinding |
| uitvindinkjes | verkleinwoord meervoud | uitvinding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitvinding zijn vastgelegd.