uitkeringsfraude
zelfstandig naamwoordBetekenis
- fraude, gepleegd door de aanvrager van een uitkering waardoor hij ten onrechte of een te hoge uitkering krijgt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitkeringsfraudes | meervoud |
Herkomst
samenstelling van uitkering en fraude met het invoegsel -s-
Woordfamilie van uitkeringsfraude
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitkeringsfraudes | meervoud | uitkeringsfraude |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitkeringsfraude zijn vastgelegd.