twatwa
zelfstandig naamwoord ˈtwatwaBetekenis
- een gorzensoort uit Midden- en Zuid-Amerika
Hoe spreek je twatwa uit?
/ˈtwatwa/
Twatwa bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| w | quiz |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- Oryzoborus crassirostris, een gorzensoort uit Midden- en Zuid-Amerika
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| twatwa's | meervoud |
| twatwaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| twatwaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
klanknabootsing van de roep van deze vogel
Woordfamilie van twatwa
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| twatwa's | meervoud | twatwa |
| twatwaatje | verkleinwoord | twatwa |
| twatwaatjes | verkleinwoord meervoud | twatwa |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van twatwa zijn vastgelegd.