tuchtzaak
zelfstandig naamwoord ˈtʏxtsakBetekenis
- rechtszaak bij een tuchtcollege
Hoe spreek je tuchtzaak uit?
/ˈtʏxtsak/
Tuchtzaak bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ʏ | put |
| x | acht |
| s | sok |
| a | maan |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tuchtzaakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tuchtzaakjes | verkleinwoord, meervoud |
| tuchtzaken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van tucht en zaak
Woordfamilie van tuchtzaak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tuchtzaakje | verkleinwoord | tuchtzaak |
| tuchtzaakjes | verkleinwoord meervoud | tuchtzaak |
| tuchtzaken | meervoud | tuchtzaak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tuchtzaak zijn vastgelegd.