tuchtrechtelijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- het tuchtrecht betreffend
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tuchtrechtelijke | verbogen, stellende trap |
| tuchtrechtelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| tuchtrechtelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| tuchtrechtelijkers | partitief, vergrotende trap |
| tuchtrechtelijks | partitief, stellende trap |
| tuchtrechtelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| tuchtrechtelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
samenstelling van tucht en rechtelijk
Woordfamilie van tuchtrechtelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tuchtrechtelijke | verbogen vorm | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijker | vergrotende trap | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijkere | verbogen vergrotende trap | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijkers | partitieve vergrotende trap | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijks | partitive, positive | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijkst | uninflected, superlative | tuchtrechtelijk |
| tuchtrechtelijkste | inflected, superlative | tuchtrechtelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tuchtrechtelijk zijn vastgelegd.