trouwauto
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de auto waarmee het bruidspaar naar het gemeentehuis rijdt om te gaan trouwen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trouwauto's | meervoud |
| trouwautootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| trouwautootjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van trouw en auto
Woordfamilie van trouwauto
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trouwauto's | meervoud | trouwauto |
| trouwautootje | verkleinwoord | trouwauto |
| trouwautootjes | verkleinwoord meervoud | trouwauto |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trouwauto zijn vastgelegd.