trivialiteit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gewoonheid, alledaagsheid
- platvloersheid, vulgariteit, platheid, laagheid
- onbeduidendheid
- evidentie
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trivialiteiten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van triviaal met het achtervoegsel -iteit (van het Frans)
Woordfamilie van trivialiteit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trivialiteiten | meervoud | trivialiteit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trivialiteit zijn vastgelegd.