trekkar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een kar die door een mens wordt voortgetrokken
- een gereedschaap waarmee men iets trekt, bijv. een kurkentrekker
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trekkarren | meervoud |
| trekkarretje | verkleinwoord, enkelvoud |
| trekkarretjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van trekken ww en kar zn
Woordfamilie van trekkar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| trekkarren | meervoud | trekkar |
| trekkarretje | verkleinwoord | trekkar |
| trekkarretjes | verkleinwoord meervoud | trekkar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van trekkar zijn vastgelegd.