transitoir
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- van voorbijgaande aard, tijdelijk
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| transitoire | verbogen, stellende trap |
| transitoirs | partitief, stellende trap |
Herkomst
afgeleid van het Franse transitoire (met het voorvoegsel trans-)
Woordfamilie van transitoir
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| transitoire | verbogen vorm | transitoir |
| transitoirs | partitive, positive | transitoir |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van transitoir zijn vastgelegd.