topos
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een stijlfiguur, waarbij een clichésituatie of clichélocatie wordt gebruikt
- een predicaat dat aan alle onderwerpen gemeen is
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| topoi | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Grieks, in de betekenis van ‘plaats met vaste argumenten in bv. redevoeringen’ voor het eerst aangetroffen in 1961
Woordfamilie van topos
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| topoi | meervoud | topos |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van topos zijn vastgelegd.