timbre
zelfstandig naamwoord ˈtɛ̃brəBetekenis
- kenmerkende klank van een stem of muziekinstrument zoals die ontstaat door de boventonen en het verloop van de geluidssterkte van een toon
- bel, deurbel
- stempel, zegel
- klankkleur; kenmerkende klank van een stem of muziekinstrument zoals die ontstaat door de boventonen en het verloop van de geluidssterkte van een toon
Hoe spreek je timbre uit?
/ˈtɛbrə/
Timbre bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɛ | bed |
| b | bak |
| r | rood |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| timbres | meervoud |
Herkomst
van Frans timbre, in het Nederlands aangetroffen vanaf 1838, zie vindplaats hieronder
Woordfamilie van timbre
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| timbres | meervoud | timbre |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van timbre zijn vastgelegd.