theelepel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een kleine lepel om thee mee te roeren
- de hoeveelheid die in een theelepel past (met een volume van 5 ml)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| theelepels | meervoud |
| theelepeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| theelepeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van thee en lepel
Woordfamilie van theelepel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| theelepels | meervoud | theelepel |
| theelepeltje | verkleinwoord | theelepel |
| theelepeltjes | verkleinwoord meervoud | theelepel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van theelepel zijn vastgelegd.