testkaart
zelfstandig naamwoord ˈtɛstkartBetekenis
- een bedrukte kaart waarmee je een test kunt uitvoeren, met name een kaart waarmee je de gezichtsscherpte kunt bepalen
Hoe spreek je testkaart uit?
/ˈtɛstkart/
Testkaart bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| k | kat |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| testkaarten | meervoud |
| testkaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| testkaartjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van test zn en kaart zn
Woordfamilie van testkaart
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| testkaarten | meervoud | testkaart |
| testkaartje | verkleinwoord | testkaart |
| testkaartjes | verkleinwoord meervoud | testkaart |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van testkaart zijn vastgelegd.