tennisarm
zelfstandig naamwoordBetekenis
- pijnlijke afwijkingen aan de buitenzijde van de elleboog, waarbij vooral strekbewegingen in pols, hand en vingers pijnlijk zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tennisarmen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van tennis en arm
Woordfamilie van tennisarm
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tennisarmen | meervoud | tennisarm |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tennisarm zijn vastgelegd.