technologie
zelfstandig naamwoord ˌtɛxnoloˈɣiBetekenis
- de systematische en praktische toepassing van kennis
- een bepaalde systematische en praktische toepassing van wetenschappelijke kennis
- een verzameling van technische processen die specifieke acties mogelijk maken
- praktische toepassingen geproduceerd met het doel de realisatie van technologie (1)
- zařízení
Hoe spreek je technologie uit?
/ˌtɛxnoloˈxi/
Technologie bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| n | nek |
| o | boot |
| l | land |
| i | riet |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| technologieën | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans of Engels, in de betekenis van ‘leer van de fabricagemethoden’ voor het eerst aangetroffen in 1824
Woordfamilie van technologie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| technologieën | meervoud | technologie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van technologie zijn vastgelegd.