taptoe
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een trompetsignaal dat oorspronkelijk werd gespeeld als afsluiting van de dag
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taptoes | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘signaal om naar kwartieren te gaan’ voor het eerst aangetroffen in 1688
Woordfamilie van taptoe
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taptoes | meervoud | taptoe |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van taptoe zijn vastgelegd.