taalbad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een verblijf in een omgeving waar een vreemde taal gesproken wordt om de beheersing van die vreemde taal te verbeteren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taalbaden | meervoud |
| taalbadje | verkleinwoord, enkelvoud |
| taalbadjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van taal zn en bad zn
Woordfamilie van taalbad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taalbaden | meervoud | taalbad |
| taalbadje | verkleinwoord | taalbad |
| taalbadjes | verkleinwoord meervoud | taalbad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van taalbad zijn vastgelegd.