taakopdracht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de taak die aan iets of iemand is opgedragen door een opdrachtgever
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| taakopdrachten | meervoud |
| taakopdrachtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| taakopdrachtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van taak zn en opdracht zn
Woordfamilie van taakopdracht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| taakopdrachten | meervoud | taakopdracht |
| taakopdrachtje | verkleinwoord | taakopdracht |
| taakopdrachtjes | verkleinwoord meervoud | taakopdracht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van taakopdracht zijn vastgelegd.